|
Pagina 1 van 8 Onze zeiltocht door de Carieb 5 juli 2004 t/m 19 juli 2004 Langs de Caribische eilanden: Martinique, Sint Lucia, Sint Vincent en de Grenadines
Maandag 5 juli De wekker loopt vandaag om 7.00 uur af. Eigenlijk veel te vroeg, maar dan moet je de avond van te voren ook niet om 1.00 uur in bed kruipen. Met dichte ogen, maar wel blij dat eindelijk de vakantie is aangebroken, staan we op. Nog een paar laatste dingen pakken, eten en dan snel de rugzakken op. We moeten nog naar het station lopen, want we moeten eerst met de trein naar Rotterdam voordat we daar een paar uur kunnen uitrusten in de Thalys. Zonder problemen komen we op tijd aan, de NS kan toch nog op tijd rijden ;-). Nog even een kopje koffie op Rotterdam CS en dan in de Thalys naar Parijs Gare du Nord. De Thalys valt een beetje tegen: hij rijdt wel lekker (alhoewel hij pas na Brussel Midi/Zuid op volle snelheid rijdt), maar het is een oud beessie. De vloerbedekking is aan alle kanten versleten, de stoelen zijn doorgezakt maar je hebt wel meer beenruimte als in een vliegtuig. Na ruim 3 uur treinen kom je dan aan op Gare du Nord. Nu nog de RER B naar vliegveld Paris Orly vinden, want daar vertrekt het vliegtuig naar Martinique. Dat is helemaal geen probleem, wel is het een crime om aan kaartjes te komen. Automaten werken niet mee omdat ze erg onduidelijk zijn, een aantal automaten zijn uitgevallen, dus dan maar bij de rest van de Parijzenaars in de rij gaan staan. Dan hebben we binnen een mum van tijd kaartjes. We moeten op Antony overstappen op de Orlyval, een speciaal treintje dat alleen maar rijdt tussen Antony en Orly. Met een uurtje en 13 euro p.p. armer komen we aan op Orly, klaar om in te checken. Als we daar aankomen, is het stervensdruk. Wachtrijen van tientallen meters lang staan voor de incheckbalies naar Martinique. In Frankrijk wonen en werken veel mensen die oorspronkelijk van Martinique komen. En het lijkt wel alsof die mensen allemaal tegelijkertijd vakantie hebben gekregen! Afijn, er gaan veel makke schapen in een vliegtuig, dat blijkt wel als we met een uurtje vertraging (er was een passagier niet op komen dagen en zijn spullen moesten er natuurlijk wel weer uit) opstijgen richting Martinique. 's avonds om 20.00 uur lokale tijd (= 6 uur later als in Nederland) landt het vliegtuig. Het is al hardstikke donker, dus we zien weinig van het eiland als we met de taxi naar de jachthaven in Le Marin rijden. Van de verhuurder is natuurlijk niemand meer aanwezig, maar er zouden in de boot met de naam Frimeur wel keurig de sleutels liggen zodat we naar binnen kunnen. Zo duf als het maar kan op zoek naar de sleutels...... die we vervolgens niet kunnen vinden :-(( Wij willen slapen!! Micha heeft een heldere ingeving, en stapt van de boot af op zoek naar een soort mededelingenbord. Misschien dat daar een berichtje hangt waar we de sleutel wel kunnen vinden. Als hij koud op de steiger staat, valt zijn oog op de buurboot Frimousse. Daar hangt keurig een briefje 'Welkom aan boord Jacobi'. Nou ja, ook goed, Frimeur of Frimousse, als we maar kunnen slapen. We pakken bijna niets uit (je weet maar nooit) alleen onze slaap- en toiletspullen en installeren ons in een kooi, waar wel lakens en kussens liggen. Meteen vallen we in slaap. Onze eerste indruk van de Carieb: warm, warm en nog eens erg klam. Helemaal vergeten dat de Carieb tropisch is. Dinsdag 6 juli Er is afgesproken dat na 9.00 uur 's ochtends het inchecken daadwerkelijk plaats vindt. Natuurlijk zijn we vanwege de jetlag veel te vroeg wakker en melden we ons ruim op tijd bij het kantoor van de verhuurder. We worden ontvangen door een Vlaams sprekende dame (da's erg handig, ons Frans is niet je-van-het), waarna een vriendelijke Engelssprekende medewerker met ons de hele boot doorloopt. Hoe werkt wat, wat zijn de veiligheidsvoorzieningen en hoe werken die, en natuurlijk de nodige toeristische en praktische tips. De belangrijkste is wel dat we voor 12.30 uur eventjes bij de douane langs moeten zijn geweest (die ook in de jachthaven aanwezig is) om ons uit te klaren. Natuurlijk, helemaal vergeten. De Caribische eilanden zijn allemaal zelfstandige staten, dus moet je voor elk land aanmelden als je binnen komt en afmelden als je weggaat. Nadat de boot grondig is bekeken, we de laatste medische voorzieningen (anti-reisziektepillen, zonnebrandzalf en ontsmetingsmiddel) hebben gekregen van de verhuurder (sjiek hoor!), gaan we ons maar afmelden bij de douane. Na het invullen van de benodigde formulieren (hebben we daarvoor een crewlijst gemaakt??) is alles in orde. Dan volgt het volgende hoofdstuk: bunkeren. De Vlaamse dame van de verhuurder regelt voor ons een busje die ons naar een grote supermarch� brengt. Heel handig, want als we klaar zijn met inkopen doen en we heel veel spullen bij ons hebben (en na wat geregel omdat het oorspronkelijke busje al weer vertrokken was), brengt een ander busje ons terug naar de jachthaven. Nu alle spullen opslaan in boord, even nog gedag zeggen tegen de verhuurder en melden dat we op zondag 18 juli rond het middaguur weer terug zullen zijn (onze vlucht naar Parijs gaat diezelfde avond nog), vertrekken we. We hebben niet veel tijd om te zeilen, dus we motoren op ons gemakje de baai van Le Marin uit (en die is zo'n 5 mijl lang) en ankeren we in de baai van Sainte Anne. Nu kunnen we eindelijk tot rust komen. Op ons gemak maken we het avondeten en genieten we nog lang van de warmte, die we in Nederland nog niet kende.
|